Home
Publicaties
Archief
Archief op jaar Archief op onderwerp
Aanmelden
Over dit blog

Aantekeningen in de Marge

Home
Publicaties
Archief
Archief op jaar Archief op onderwerp
Aanmelden
Over dit blog

De EU onder druk - Drie dashboards over de weerbaarheid van de Europese waardengemeenschap

Het eerste kwart van deze eeuw kenmerkt zich door grote verschuivingen in de geopolitieke verhoudingen, waarvan de verwijdering tussen de VS en Europa een belangrijk onderdeel uitmaakt. Hoewel de aanleiding ongetwijfeld 9/11 was, is de breuk in de diplomatieke verhoudingen en in het vertrouwen tussen de VS en Europa rond het conflict in Irak (en met name de achteraf valse Amerikaanse claim dat Irak over ‘Weapons of Mass Destruction’ beschikte) het eerste concrete zetje geweest. Het heeft de trans-Atlantische betrekkingen geen goed gedaan, een Britse premier zijn reputatie en baan gekost en Duitsland en Frankrijk zeer kritisch gemaakt voor ieder initiatief waar een Amerikaans luchtje aan zat. De opkomst van China als wereldmacht resulteerde onder Obama in een verschuiving van politieke en economische aandacht naar Azië. Ook toen klonk al het geluid dat ‘Europa’ meer moest investeren in haar eigen verdediging en slagkracht. Trump vervolgens, maakte de relatie transactioneel en in de beste ‘Amerika First’-traditie unilateraal. Inmiddels is niets meer vanzelfsprekend in de militaire en economische relatie tussen de VS en Europa, en als exponent daarvan de EU.  

De toegenomen Chinese assertiviteit en haar reis naar strategische hegemonie hebben haar controle opgeleverd over essentiële grondstoffen, technologie en allianties. Dit heeft (ook) grote gevolgen voor de wijze waarop Europa zich tot China kan en moet verhouden. Ruslands stapsgewijze invasie van Oekraïne (via de Krim (maart 2014), Donbas (2014-2021) en vervolgens de rest van Oekraïne), destabiliseert Oost-Europa en bedreigt de rest van de EU. Dit werpt Europa, mede gelet op de genoemde transactionele en unilaterale houding van de VS, terug op existentiële vaardigheden waarvan zij zich sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog ontslagen achtte.

Het heeft veel te lang geduurd voor dit besef in volle omvang in Brussel en vooral de Europese hoofdsteden doordrong. Inmiddels is het echter wel algemeen duidelijk dat de EU, als som der delen, meer kans maakt op effectieve wijze de waarden en levensstandaard van haar 450 miljoen burgers tegen een onvoorspelbare buitenwereld te beschermen, dan ieder van de individuele landen afzonderlijk. Dit vraagt van bestuurders een veel groter besef van het belang van een gemeenschappelijke strategische autonomie, dan nu bij hen aanwezig is. De controle daarop kan niet (alleen) worden overgelaten aan die bestuurders zelf. Dit botst met nationale en persoonlijke belangen, ego’s en dilemma’s, die zij willen bevorderen en bewaken. In het realiseren van onze strategische autonomie, zijn wij zo sterk als de zwakste schakel. Juist daarom is assertieve betrokkenheid van burgers bij het proces naar deze autonomie van groot belang. De EU dat zijn wij, haar waarden zijn onze waarden en het beschermen daarvan is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid die niet kritiekloos gedelegeerd kan worden, maar ons allen aangaat en raakt en dus ook door burgers gecontroleerd moet worden .

Om deze verantwoordelijkheid te kunnen nemen is inzicht noodzakelijk. Dit komt niet vanzelf; er is een tsunami aan informatie zonder dat de juistheid of zelfs betrouwbaarheid daarvan te verifiëren is, als je al zou weten waar je deze vinden kan. Om die reden meende ik er goed aan te doen een drietal dashboards te ontwikkelen die helpen het inzicht te vergroten in de wijze waarop besluitvorming in de EU tot stand komt, maar vooral hoe en waar deze onder druk staat. Deze dashboards heb ik alle in een intensieve interactie met de AI-tool van Anthropic, Claude, samengesteld. De researchcapaciteit van Claude en de onderliggende statistische en visualiseringvaardigheden daarvan, zijn voor een eenpitter als ik onmisbaar bij het omzetten van een concept in werkbare en relevante uitkomsten.

De dashboards richten zich niet op individuele partijen of politici, maar trachten door systematisch inzicht onderliggende patronen en trends bloot te leggen. Zijn deze er niet, prima; zijn ze er wel, dan hebben burgers het recht en de plicht hier kennis van te nemen, hun positie te bepalen en/of invloed uit te oefenen. Dat is de essentie van democratie: via vreedzaam protest, druk op partijen, stemgedrag, opiniestukken en/of de media kenbaar maken waar je staat en wat je veranderen wil.

Het eerste dashboard kijkt naar de naleving van de fundamentele waarden die aan de EU ten grondslag liggen: ‘EU Governance Assessment dashboard’. Het tweede dashboard verkent de invloed van lobbyactiviteiten op het wetgevende proces in de EU: ‘Lobby dashboard’. Het derde dashboard onderzoekt ondermijning door externe statelijke actoren van democratische processen in de EU: het ‘External Undermining dashboard’.

‘EU Governance Assessment dashboard’

Europa kent een zeer rijke en diverse cultuur die terug is te voeren op een lange historie en veel invloeden. Gebruiken en opvattingen zullen lokaal verschillen; over de grondwaarden waarop de EU is gevestigd bestaat inmiddels echter weinig misverstand. Toetreding van lidstaten tot de EU heeft op vrijwillige basis plaatsgevonden en het nut van het lidmaatschap en de waarden die het vertegenwoordigt, worden door haar burgers in het algemeen breed gedragen. Deze waarden zijn universeel en de belichaming van wijsheid die over vele millennia en eeuwen van rechteloosheid, uitbuiting, uitsluiting, conflict, ongelijkheid, hebzucht en plagen zijn opgedaan. Het zijn waarden die zijn vastgelegd in artikel 2 van het Verdrag van de Europese Unie.

Dit is echter geen garantie dat deze waarden in het politieke spel rond het verkrijgen en vasthouden van het kiezersmandaat onder alle omstandigheden worden gerespecteerd. Niet iedereen kleurt even netjes binnen de geschreven en ongeschreven regels van de parlementaire democratie. Waar waarden ondermijnd worden, is dat bijna altijd het gevolg van keuzes van politieke (en economische) actoren die direct of indirect het ‘level playing field’ van besluitvorming, macht en publieke opinie voor hun eigen doeleinden trachten te beïnvloeden. Dit uit zich in het creëren van valse tegenstellingen, opvoeren van complottheorieën, manipuleren van feiten en meningen, exploiteren van slachtofferschap en zonder noemenswaardig bewijs aanwijzen en kruisigen van daders.

Telkens als dit gedrag zich manifesteert, worden de kernwaarden van de EU geweld aangedaan. Als dit zich vaak voordoet, drijft het land langzaam af van de waarden waartoe het zich via het lidmaatschap van de EU toe heeft verbonden. Wanneer het de politieke cultuur gaat beheersen in een land en dominant wordt, dan gaat het schuren en komen waarden zodanig onder druk te staan dat democratische principes, rechtsbeginselen en/of burgerrechten onder vuur komen te liggen en neemt de kans op corruptie exponentieel toe. Politieke invloed als transactie voor eenieder die daarvoor bereid is te betalen.

Op dat moment zou artikel 7 van het Verdrag van de Europese Unie in werking moeten treden. Dit artikel regelt het proces waarbinnen aan landen die het met de fundamentele waarden niet zo nauw nemen, sancties opgelegd kunnen worden. De ervaring leert dat een dergelijke ingreep lang op zich laat wachten en dat inbreuken niet altijd even eenvoudig te kwalificeren en kwantificeren zijn. Het belangrijkste bezwaar is echter dat door de structuur van de besluitvorming binnen de EU, dergelijke inbreuken niet alleen het (openbare) leven in betreffende landen treffen, maar ook democratische processen in de gehele EU ondermijnen. Het betreffende land (Hongarije onder Orbán was hier een treffende illustratie van) kan het mechanisme waarin artikel 7 voorziet, ondermijnen door op belangrijke dossiers (te dreigen) veto’s uit te spreken. Het unanimiteitsvereiste op belangrijke dossiers, geeft in dit opzicht dissidente landen de mogelijkheid sancties te vertragen en in het slechtste geval (voor de EU) te ontlopen. Het is een belangrijke weeffout met grote consequenties.

Zolang de lidstaten er niet in slagen over hun schaduw heen te stappen en het unanimiteitsvereiste te schrappen, of in ieder geval op te schorten, en voor alle besluiten maximaal een gekwalificeerde meerderheid in te voeren, is artikel 7 een relatieve wassen neus en liggen daarmee ook de fundamentele waarden onder vuur.

Om deze reden denk ik dat het goed is als er – vooral bij burgers – meer zicht komt op de naleving van de fundamentele waarden. Dit is de aanleiding van mijn eerste dashboard: de ‘EU Governance Assessment dashboard’.

Dit dashboard vervangt niet het besluitvormingsproces van de EU zelf, maar is vooral bedoeld als een goed gedocumenteerd hulpmiddel om inzichtelijk te maken waar het goed gaat met de fundamentele waarden en waar niet. De methodologische verantwoording, beperkingen, uitleg van de diverse landendossiers en tabjes daarbinnen zijn vastgelegd in dit memorandum. Het geeft met interactieve (doorklikbare) tegels een overzichtelijk inzicht in de mate waarin EU-lidstaten zich houden aan de fundamenten van de rechtsstaat. Het is gebouwd op betrouwbare indicatoren die voor alle lidstaten gelijk zijn en daarmee een goede basis vormen voor vergelijking. Doorgeklikt levert het meer detail, context en ontwikkelingen aan en wordt inzicht gegeven in de gebruikte bronnen.

Het Dashboard laat zien dat, en licht toe waarom, er ten aanzien van twee lidstaten grote zorg is, en ten aanzien van negen andere lidstaten redelijke aanleiding tot zorg is. Ten aanzien van Hongarije staan alle seinen nog op rood; de hervormingen als gevolg van de verkiezing van Péter Magyar in april 2026 moeten nog vorm gaan krijgen en hebben deze editie van de EU Governance Assessment (EUGA) nog niet gehaald. Hoe een dergelijk herstel zich positief ontwikkelt is te zien in Polen, waar na de verkiezing van Donald Tusk in 2023 de democratie zich aanzienlijk heeft hersteld, maar hervormingen lastig(er) zijn door te voeren door de verkiezing van de conservatieve (en op basis van de grondwet, veel macht toekomende) president Nawrocki (2025).

Van de landen in de gevarenzone valt vooral Roemenië op. De democratische rechten zijn daar sinds 2020 in het gedrang en liggen ver beneden de gestelde ondergrens.

De belangrijkste ‘take-aways’ in dit dashboard zijn dat het niet goed gaat met de fundamentele waarden in de EU. In 15 van de 26 onderzochte EU-lidstaten daalde de EUGA-score in de afgelopen 5 jaar. De stijgers bevinden zich, opvallend genoeg, met uitzondering van Ierland, alle in Oost-Europa. Bij de grote ‘dalers’ beweegt de persvrijheid het eerst. Politieke inmenging bij de omroep, bedreiging van de journalistieke onafhankelijkheid, en mediaconcentratie tasten daar de mediapluriformiteit aan. De rechtsstaat is het volgende slachtoffer. Dan is het feitelijk al te laat. Een nadere analyse laat zien dat deze beweging zich vooral voordoet in die landen waar (populistische) rechts-radicale partijen, buiten een coalitie met centrumrechtse of andere partijen, aan de macht zijn (geweest). Dit is de echte drijvende kracht achter de uitholling van de democratische rechtsstaat, en dient als voorspellende indicator zeer serieus genomen te worden. Het moet aanleiding zijn eerder dan nu aan de EU-noodrem te trekken en assertiever te reageren op ontwikkelingen die voorspelbaar een tijdbom leggen onder het besluitvormingsproces binnen en daarmee de effectiviteit van de EU. Belangrijk in dit verband is ook dat een terugkeer naar het oude ‘normaal’ aanzienlijk lastiger is dan de afbraak van de democratische waarden. Tegelijkertijd past bescheidenheid bij de cijfers: het meet institutionele kwaliteit, niet politieke rust.

‘EU Lobby dashboard’

In gezonde democratieën is er een dialoog tussen standpunten en meningen van mensen en zelfs instituties (ngo’s en het bedrijfsleven). Uitwisseling van en open staan voor alternatieve ideeën en gedachten verbreedt in het algemeen de kwaliteit van wetgeving en zorgt voor een beter draagvlak. Naarmate de complexiteit en belangen toenemen is het voor een evenwichtige en verantwoorde belangenafweging nodig om ngo’s en bedrijfsleven te betrekken in het wetgevend proces. Zolang lobbyisten zich houden aan wettelijke kaders rond transparantie, integriteit en het voorkomen van belangenverstrengeling van betrokken partijen, zal sprake zijn van een maatschappelijk positief resultaat.

Helaas is dat niet altijd het geval. Vandaar dat op EU-niveau (net als in de VS en waarschijnlijk elders) regels zijn vastgesteld om de transparantie te vergroten. Deze regels zijn zeker niet perfect en behoeven aanscherping. Dit dashboard levert daar geen antwoord op, maar beoogt aan te geven welke invloed het lobbyproces heeft gehad op het wetgevende proces. De achtergronden van dit dashboard worden toegelicht in dit memorandum.

In totaal worden een veertiental dossiers, met aantoonbaar tegengestelde belangen of gepolariseerde standpunten tegen het licht gehouden.  De dossiers bieden, voorzover de beschikbare bronnen dit toelaten, op gestandaardiseerde wijze inzicht in (i) de kern van het onderzochte dossier, (ii) de bij het lobbyproces betrokken partijen en het belang dat zij vertegenwoordigen, (iii) het tijdsverloop van Commissievoorstel tot afronding, (iv) indicatieve budgetten en (v) het resultaat dat de interactie tussen lobbyinspanning en parlement het oorspronkelijke Commissievoorstel heeft bewerkstelligd.

Op basis van deze dossiers zijn er een aantal conclusies te trekken uit dit dashboard. De belangrijkste daarvan zijn in mijn ogen:

  • Geld blijkt geen garantie voor de uitkomst van het lobbyproces. Het geeft wel toegang, maar is zeker geen garantie voor succes.

  • Ook blijkt dat vóór de Europese Commissie haar voorstel aan het Europese Parlement presenteert er, bij het opstellen van de wettekst, vaak al input is gegeven door de meest betrokken belanghebbenden. Dit is niet per se onrechtmatig, maar beperkt de transparantie wel.

  • Binnen het Brusselse circuit neemt men het niet altijd even nauw met de transparantieregels rond lobbyen. Verplichte (zelf)registratie van lobbybudgetten, ontmoetingen en koppelingen aan dossiernummers ontbreken en onafhankelijke controle ontbreekt.

  • In het complexe proces van geven en nemen, wat in de interactie tussen Commissie, Parlement en inbreng van belangen van externe partijen gebruikelijk is, is winnen en verliezen geen zwart-wit verhaal. Het kan zijn dat iedereen op onderdelen én wint én tegelijkertijd heeft moeten toegeven.

  • Voor een betere transparantie is het noodzakelijk dat de regels rond belangenvertegenwoordiging in het wetgevend proces worden aangescherpt en onder onafhankelijk toezicht komen te staan. Het moet altijd duidelijk zijn welke belangen, op welk dossier, tot welke aanpassing hebben geleid dan wel welke afwegingen zijn gemaakt en/of welke uitruil heeft plaatsgevonden. Minder vrijblijvendheid en meer discipline rond de financiële verantwoording van lobbyactiviteiten per dossier, zou voor lobbyclubs een belangrijke voorwaarde voor toegang moeten zijn.

Waar ontmoetingen goed gedocumenteerd zijn, de financiële verantwoording klopt en de (mogelijk nog aan te scherpen) procedures worden gevolgd, kan de burger zelf beoordelen of een uitkomst evenwichtig tot stand komt. Nu dat zicht ontbreekt verdwijnt de mogelijkheid tot democratische controle en bestaat het risico op onrechtmatige beïnvloeding en uitkomsten die zich slecht verhouden tot het algemeen belang.

‘EU External undermining dashboard’

De EU is geen eiland en de dreiging van buitenaf is een realiteit die al lang bestaat, maar binnen de EU niet altijd (publiekelijk) onderkend werd. Naarmate de EU meer teruggeworpen wordt op haar eigen zelfredzaamheid, neemt, zeker gedurende de transitieperiode daarnaartoe, waarin de Amerikaanse rugdekking onzeker is, de kwetsbaarheid toe. Voor hen die in het EU-waardensysteem een bedreiging zien voor hun eigen invloedssfeer, is dat een niet te missen kans om de op democratische grondslag gebaseerde EU te ondermijnen. De mogelijkheid die EU-burgers hebben om hun politieke keuzes vrij en geïnformeerd te maken, is tegelijkertijd de ingang voor externe ondermijning door buitenlandse actoren (zij die ondermijnen): desinformatiecampagnes, heimelijke financiering van partijen en destabiliserende cyberoperaties beogen de informatiepositie van EU-burgers te beïnvloeden en het vertrouwen in democratische instituties te eroderen.

Dit alles gebeurt buiten het zicht van het grote publiek en hoewel nationale inlichtingendiensten jaarverslagen presenteren (in hun eigen taal en jargon) is dit alles voor vele burgers grotendeels onzichtbaar. Het ‘EU External undermining dashboard’, wil deze dreiging op een gestructureerde wijze samenbrengen en transparant maken. Een burger die de patronen van externe beïnvloeding kan herkennen, de actoren, netwerken en doelwitten doorziet, is beter in staat deze te identificeren en zich te wapenen tegen de ondermijning van buitenaf.

De gehanteerde methodologie die aan dit dashboard ten grondslag ligt en de daarbij gemaakte keuzes zijn hier beschreven. Duidelijke en herleidbare bronnen zijn een vereiste; vage dreigingen op basis van betwiste of onduidelijke bronnen worden genegeerd of duidelijk als zodanig toegelicht. Dit impliceert indirect dat hetgeen wel wordt gerapporteerd, de ondergrens is van wat daadwerkelijk plaatsvindt. Niet alle ondermijningsactiviteiten worden immers ontdekt of kunnen bewezen worden. Ook valt economische afhankelijkheid (van bijvoorbeeld China of de VS) als aparte ondermijningsgrond buiten de scope van dit dashboard. Een ander punt van aandacht is dat de ‘usual suspects’ eerder en ook vaker ontdekt worden dan die waarop de schijnwerpers niet staan. Dit zou de cijfermatige Russische dominantie in de statistieken kunnen verklaren. Het betekent niet dat Russische ondermijning minder voorkomt, maar mogelijk wel dat andere actoren ondervertegenwoordigd zijn.  

Er zijn wat mij betreft, naast de eerdergenoemde zaken, een tweetal andere in het oog springende conclusies uit dit dashboard. In de eerste plaats zie je dat de aandacht van actoren uitgaat naar die situaties waarin het ‘destabilisatierendement’ het hoogst is en, dit is belangrijk, er al sprake is van een wankel evenwicht of gepolariseerde verhoudingen. Ten tweede, en dit is redelijk vanzelfsprekend, zullen landen met een sterke(re) inlichtingendienst (Duitsland, Frankrijk, Nederland) meer vinden dan daar waar deze zwak is. Juist daar liggen dan weer voor actoren de grootste kansen om het, bij belangrijke besluiten op unanimiteit gebaseerde, EU-besluitvormingsproces effectief te ondermijnen.

Samenvattend

Met 450 miljoen inwoners en een GDP dat (in termen van koopkracht) niet eens zo veel lager is dan de VS, is de EU de derde economie van de wereld. Politiek bevindt zij zich echter nog in de puberteit; haar hybride structuur – ergens tussen een verzameling natiestaten en een volwaardige federale staat – verhindert haar een volwaardige geopolitieke speler te zijn en haar volledige potentieel te realiseren. Zeker in tijden waarin de geopolitieke verhoudingen in toenemende mate volledige autonomie en daadkrachtige assertiviteit vragen, maakt dat haar op alle mogelijke manieren kwetsbaar: politiek, economisch en militair.

De drie dashboards beogen licht te schijnen op drie verschillende dreigingen, die in de kern hetzelfde doel nastreven: de burger in staat te stellen om vrij en geïnformeerd te oordelen. Interne uitholling tast zijn vermogen aan dit van binnenuit te doen, lobby onttrekt de afweging over de integriteit van het wetgevende proces aan zijn zicht en externe actoren vergiftigen de informatie waarop zijn oordeel rust.

Het unanimiteitsvereiste is de achilleshiel van de EU. Het stelt dissidente lidstaten in staat de hele unie te chanteren om te ontkomen aan sancties. Deze ontregeling maakt kwetsbaar, wat externe actoren, zoals bijvoorbeeld Rusland, weer (extra) mogelijkheid biedt hun ondermijning juist daar in te zetten, waar het ‘destabilisatierendement’ het hoogst is.

Voorkomen is beter dan genezen en hoewel transparantie alleen niet voldoende is om dat te bewerkstelligen, kan het wel helpen. Het ontneemt degenen die de waarden van de EU uithollen het comfort van de onzichtbaarheid, en geeft de burger terug wat hem toekomt: het zicht om te oordelen, en de munitie om te handelen. De EU, dat zijn wij en wat wij niet zien, kunnen wij niet verdedigen.

Older:Brexit: Stuiptrekking van een land zonder Imperium
PostedAugust 8, 2026
AuthorMark Goudsmit